Posts tonen met het label de Sous. Alle posts tonen
Posts tonen met het label de Sous. Alle posts tonen

zondag 20 september 2015

Mustafa met de benen van Bergkamp

Mustafa was een statige ex-gastarbeider uit Den Haag, die op zijn oude dag naar zijn geboortestreek was teruggekeerd. Hij was een ‘Faux Guide’ die ons op raketsnelheid, zonder dat we het wilden, maar te beleefd waren om af te haken, van toeristische attractie naar winkel, naar restaurant voerde. Hij was stokoud maar bewoog zich met een elegant geschuifel dat nog het meeste weg had van de bewegingen op het voetbalveld van Dennis Bergkamp. In 1960 woonden er, volgens de statistieken 3 Marokkaanse gastarbeiders in Nederland. In de twee decennia die volgden, vonden 40.000 Marokkanen hun weg naar Nederland. Nog steeds geen groot aantal. In 1976 migreerde 37% via directe werving en 43% via familie en kennissen. Ze kwamen uit alle delen van Marokko, maar voornamelijk uit het Riffgebied en de Sousstreek rond Agadir. De wervingscommissies in Nederland hadden een voorkeur voor deze wat minder ontwikkelde streken, omdat ze veronderstelden dat ‘die’ mensen niet mondig zouden zijn en dus minder eisen zouden stellen aan de Nederlandse staat. De Marokkaanse koning had ook een duidelijke voorkeur voor rekrutering uit de Riff, omdat paradoxaal genoeg de mensen daar de reputatie hadden opstandig te zijn. Volgens de Amerikaanse filosofe Martha Nussbaum was het van het begin af aan duidelijk dat de Nederlander in het algemeen deze nieuwe buur of collega niet in het hart zou sluiten. De ontkenning daarvan door de overheid leidde tot blijvende onrust en wantrouwen onder zowel ‘autochtonen’ als ‘allochtonen’. (19 Tetouan)

donderdag 23 juli 2015

De arganboom

Wij denderden naar beneden vanaf de Tizi-n-Test pas het stroomgebied van de Sous in en tegelijk was hij er: de argan. Ik had nog nooit zo’n boom gezien en moest meteen stoppen om te tekenen. Grafisch gezien is het een genot: zo zwart, zo grillig en zulke duidelijk zichtbare takken tussen het groen! Ik werd meteen verliefd. En de meer ik over de boom en zijn vruchten hoorde de meer ik onder de indruk raakte. De argan groeit meer dan een heester dan een boom en hangt lekker breed uit. Ze kunnen tot 200 jaar oud worden. Ze groeien in zure grond en de wortels gaan wel 60 meter diep op zoek naar water. In periodes van grote droogte, heeft men mij verteld, kan de boom in de slaapstand gaan. De bladeren lijken een beetje op die van de olijfboom, maar zijn veel groener. De bloei is in april waarna er zich eikelachtige noten ontwikkelen die pas na een jaar rijp zijn. De noten zijn bijzonder. Ze zijn omgeven door een schil. Onder de schil zit vruchtvlees en daaronder zit de harde noot. Maar in de noot zitten meestal tot 3 olierijke pitten. De kamelen eten de bladeren, de geiten de bladeren en de vrucht, maar kakken de noot weer uit. De mens is vooral geïnteresseerd in de pitten, want daarin zit de arganolie. Dus de door de geiten uitgekakte noten, zijn nog steeds waardevol voor de mens. In een gebied waar nauwelijks olijfbomen groeien, werd de argan vooral gebruikt voor het hout. Er werd bijvoorbeeld houtskool van gemaakt. Maar tegenwoordig is de vraag naar arganolie wereldwijd enorm toegenomen en mensen zijn de argan met andere ogen gaan bekijken. De toegenomen inkomsten door de olie hebben er echter voor gezorgd dat er in geitenkuddes werd geïnvesteerd met excessief grazen van de bomenbladeren tot gevolg. Onderschrift: Mijn eerste argan. Een geit reikt op naar de blaadjes, maar meestal zijn ze niet zo bescheiden en klimmen tot boven de boom in. 19 Marokko ZW

zaterdag 11 juli 2015

De zegen van regen

Bert vertelde dat het tien jaar niet ‘echt’ geregend had in de Sous. Er waren kinderen die nog nooit bloemen hadden gezien. Maar toen de regen dan ook eindelijk in alle hevigheid losbarstte, bloeide de woestijn en de droge berghellingen. Natuurlijk waren er ook verwoestende overstromingen omdat de rivierbeddingen de watervloed zo snel niet konden verwerken en de droge, harde grond het niet kon absorberen. Water is zo’n belangrijk aspect in het leven dat menig Marokkaan er meteen over begint. We zaten nog maar net in de auto met Mohammed de Chauffeur en waren Marrakesh nog niet uit of hij had al wat te zeggen over het groene gras van de golfcourses en de multinationale olijfboomgaarden die wél water kregen, maar de uitgedroogde velden van de dorpsgemeenschap niet. Hassan uit Tamegroute klaagde dat ‘De Koning alle water voor zichzelf houdt’. De opmerking sloeg op de dam in de bovenloop van de Draa waar de koning inderdaad een buitenverblijf heeft. Maar Hassan doelde op de rantsoenering van water waardoor een familie alleen éénmaal per week water kon tappen voor huishoudelijk gebruik. Wij reden over de weg tussen Ouarzazate en Errichidia ter hoogte van Boumane toen boven de Hoge Atlas een noodweer losbarstte. Alhoewel het noodweer duidelijk waarneembaar was, gebeurde waar wij waren niets. Regen is een kostbaar iets in Marokko waar de woestijn steeds meer ruimte opeist. Onderschrift: een moeder met twee zoontjes die met een kruiwagen vol plastic flessen op weg zijn naar de gemeenschappelijke waterkraan in de kasba van de oase van Ferkla. (43 Marokko)