Posts tonen met het label vluchtelingen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vluchtelingen. Alle posts tonen
woensdag 14 oktober 2015
Kennismaking met Fes
We gingen met de trein van Meknes naar Fes. Het is een rit van een half uur door een glooiend vruchtbaar landschap. In het niemandsland tussen het spoor en de voorsteden van Fes zagen we de hutten van todden en bouwafval en hun bewoners de vluchtelingen uit de Sub Sahara. Er wordt geïnvesteerd het bestaande spoornet tussen de grote centra en in 2009 is er de nieuwe lijn tussen Nador en Taourirt aan toegevoegd. Het station van Fes is nieuw en de hal is ruim en overzichtelijk. Het ligt in een moderne uithoek ver van de Medina waar wij zoals gewoonlijk een pension hadden. Het was een wereld van verschil. Aan de rand van de oude stad zette de taxi ons op het stoffige parkeerterrein voor de Bab Guisse af. De Bab en de belendende moskee werden gerestaureerd. Er liep een smal straatje omheen langs een muur met een tuin erachter. We huurden een ezeltje voor onze bagage en doken letterlijk een Soek in. De weg kronkelde stijl naar beneden. Het was weinig breder dan de ezel en tegemoetkomende wandelaars moesten deuropeningen instappen om de ezel doorgang te verlenen. Op de tekening is de bedrieglijk landelijk straat te zien achter de Bab Guisse met de geduldig wachtende vrachtezels en de trots rond dribbelende buurt haan met één van z’n kippen. In tegenstelling tot de ezels en de kip bleek het onmogelijk ter plekke een portret van hem te maken en moest hij later worden toegevoegd. (59 Fes)
Labels:
Bab Guissa,
de ezel,
de medina,
de spoorwegen,
Fes,
haan,
Meknes,
Nador,
pakezel,
soek,
vluchtelingen
woensdag 30 september 2015
Europa lonkt
We waren in Nador omdat ik wilde zien waar de burgemeester van Rotterdam geboren was. Maar voordat we naar zijn geboortedorp gingen, nam Mohammed ons mee de andere kant op naar Beni Enzar dat één lang lint met Nador vormt. Beni Enzar ligt op de grens met Melilla, een Spaanse enclave en net als Ceuta de andere enclave, gelegen op een in de zee uitstekende rots. Melilla was van Marokko gescheiden door hoge hekken met scheermessen, schijnwerpers en tot de tanden gewapende grenswachten. Ook hier een streng bewaakte poort naar Europa en veel mensen uit Sub Sahara landen die wachtten en hoopten op een kans die nooit kwam. Niet lang nadat wij Nador verlieten, lazen we in Marokkaanse kranten dat er weer geprobeerd was door een groep van ongeveer duizend vluchtelingen door de macht van hun aantal over de hekken te komen om opgesloten te kunnen worden in het kamp dat erachter lag waar ze in ieder geval te eten kregen. Ik las dat het vluchtelingenkamp dat gebouwd was voor 500 mensen zo langzamerhand een paar duizend telde. Geen enkel land in Europa wil ze, terwijl ze door hun vastberadenheid en moed toch bewezen hadden enorm potentieel te hebben. Onderschrift: Op de ochtend dat wij op een terrasje in Beni Enzar NousNous dronken en ik op het papier klungelde omdat alles en iedereen die ik wilde tekenen direct ook weer wegliep, trok in de verte een groep jonge afrikanen voorbij waarvan ik een paar in de tekening vatte, maar waarvan ik me pas later realiseerde wie het waren. (24 Nador)
Abonneren op:
Posts (Atom)

