Kooplieden in d’oude tijd wilden dicht bij hun waren blijven ook als ze op reis waren. In de Medina’s waren de Funduqs niet alleen opslagplaatsen van goederen, maar ook verbleven er bezoekende kooplieden. Toeristen in die tijd, en die waren er, niet alleen uit de Islamitische wereld, maar ook uit ‘Het Westen’, verbleven als ‘gast’ in paleizen, Madrassa’s en bij rijke particulieren. Met de Fransen kwamen de hotels in de Ville Nouvelle. In de zestiger jaren van de vorige eeuw kwam het rugzaktoerisme op gang. Die jonge avonturiers wilden het ‘echte’ Marokko beleven en daar hoorde de hotels in de Ville Nouvelle niet toe. Ik herinner mij dat in de korte week in 1969 dat ik met vrienden in Marokko was, wij in Funduqs overnachten. Al snel resen de goedkope ‘hostels’ als paddenstoelen uit de grond in de Medina’s. Comfort was er niet, maar ‘echt’ was het wel. Tenminste dat dachten de rugzaktoeristen. Aan het einde van de 20ste eeuw kwam het grootschalig strandtoerisme op gang vooral rond Agadir. Daarvoor werden grote hotels gebouwd door internationale ketens. De Franse hotelletjes in de Ville Nouvelle hadden inmiddels hun beste tijd gehad en werden vervangen door grotere, modernere varianten in alle prijsklassen van Ibis tot Hilton. Er ontstond een gat in de toeristenmarkt: steeds vaker kwamen er bezoekers die niet tot een reisgroep behoorden en die geen zin hadden in de grote hotels of de goedkope hostels. Wie ging dat opvullen en met wat? In het prille begin van de 21ste eeuw gingen Marokkanen in de Medina hun huis openstellen als pension of op z’n Engels B&B of op z’n Marokkaans Riad. Europeanen volgden. Zij gingen oude Dar’s en Riad’s in de Medina kopen en opknappen. Het werd in korte tijd een eclatant succes. Later kwamen er ook nog Eco-hotels bij voor de toerist die het ‘echte’ met het ‘goede’ wilde combineren. Onderschrift: Riad Zahra in Meknes 43 Meknes ‘14
Posts tonen met het label funduq. Alle posts tonen
Posts tonen met het label funduq. Alle posts tonen
maandag 6 juli 2015
Overnachten in Marokko
Kooplieden in d’oude tijd wilden dicht bij hun waren blijven ook als ze op reis waren. In de Medina’s waren de Funduqs niet alleen opslagplaatsen van goederen, maar ook verbleven er bezoekende kooplieden. Toeristen in die tijd, en die waren er, niet alleen uit de Islamitische wereld, maar ook uit ‘Het Westen’, verbleven als ‘gast’ in paleizen, Madrassa’s en bij rijke particulieren. Met de Fransen kwamen de hotels in de Ville Nouvelle. In de zestiger jaren van de vorige eeuw kwam het rugzaktoerisme op gang. Die jonge avonturiers wilden het ‘echte’ Marokko beleven en daar hoorde de hotels in de Ville Nouvelle niet toe. Ik herinner mij dat in de korte week in 1969 dat ik met vrienden in Marokko was, wij in Funduqs overnachten. Al snel resen de goedkope ‘hostels’ als paddenstoelen uit de grond in de Medina’s. Comfort was er niet, maar ‘echt’ was het wel. Tenminste dat dachten de rugzaktoeristen. Aan het einde van de 20ste eeuw kwam het grootschalig strandtoerisme op gang vooral rond Agadir. Daarvoor werden grote hotels gebouwd door internationale ketens. De Franse hotelletjes in de Ville Nouvelle hadden inmiddels hun beste tijd gehad en werden vervangen door grotere, modernere varianten in alle prijsklassen van Ibis tot Hilton. Er ontstond een gat in de toeristenmarkt: steeds vaker kwamen er bezoekers die niet tot een reisgroep behoorden en die geen zin hadden in de grote hotels of de goedkope hostels. Wie ging dat opvullen en met wat? In het prille begin van de 21ste eeuw gingen Marokkanen in de Medina hun huis openstellen als pension of op z’n Engels B&B of op z’n Marokkaans Riad. Europeanen volgden. Zij gingen oude Dar’s en Riad’s in de Medina kopen en opknappen. Het werd in korte tijd een eclatant succes. Later kwamen er ook nog Eco-hotels bij voor de toerist die het ‘echte’ met het ‘goede’ wilde combineren. Onderschrift: Riad Zahra in Meknes 43 Meknes ‘14
zaterdag 4 juli 2015
De medina
De Medina betekent in Marokko de Oude Stad. Het woord Medina voor stad heeft zijn oorsprong in de tijd dat de Profeet Mohammed die in Mekka geboren en getogen was naar de oase van Yatrib verkaste waar zijn moeder vandaan kwam en waar hij veilig was. Daar ontstond rond de eerste moskee een centrum van gelovigen en activiteit die later uitgroeide tot een stad: Medina. In Marokko zijn de Medina’s of oude stadskernen, vaak goed bewaard gebleven en daarom interessant voor de toeristen. De straten zijn smal als nauwe gangen en de muren van de huizen reiken hoog. Helaas is het meestal onmogelijk om er op een dorpel te zitten tekenen zonder van de sokken gereden te worden door brommers, te stikken in de walmen van uitlaatgassen of platgedrukt te worden door zwaarbeladen ezels. Om toch een goed beeld te krijgen moest ik omhoog, de daken op. Daar vond ik een tweede stad met tuinen, katten, restaurants en satelliet schotels. Het familieleven is traditioneel naar binnen gekeerd achter de vaak blinde muren en rond de koelende binnenplaats. De huizen met een binnentuin heetten oorspronkelijk Riads. De huizen met een lichtkoker als binnenplaats werden Dar genoemd. De economische activiteit vond plaats in de markten (Soek), de pakhuizen (Funduq) en op straat. Voor de verlichting van de ziel zijn er moskeeën en Madrassa’s (scholen). Parken en waterpartijen die niet mogen ontbreken, zijn voor het aangenaam verpozen. Een stadsmuur met poorten (Bab) en een fort (Kasba) beschermden de Medina tegen onwelkome gasten. Onderschrift: een stukje Medina in Marrakesh met de minaret van de Kasba. De palmen behoren tot een park. De toppen van Hoge Atlas zijn in de verte te zien 07 Marokko
Labels:
dar,
de medina,
de profeet Mohammed,
funduq,
Hoge Atlas,
kasba,
madrassa,
Marrakesh,
riad,
soek
Abonneren op:
Posts (Atom)